



















|
|

De Loire is met haar lengte van 1000 km de langste rivier van Frankrijk en in de nabijheid van haar oevers zijn er overal wel wijngaarden aanwezig. Niettegenstaande de bron van de Loire zich dichtbij het Rhônedal bevindt, is het klimaat in de omgeving van beide rivieren verschillend. De landschappen en de klimaatzones in het uitgestrekte Loiregebied vertonen een grote verscheidenheid; aan de kust is de invloed van de zee duidelijk merkbaar, terwijl het binnenland typische trekken van een landklimaat vertoont. De contrasten tussen de landschappen zijn dan ook groot, hetzelfde geldt voor het ongelooflijk grote scala aan wijnen uit dit gebied.
Het Loiredal staat bekend om zijn mild klimaat. De winters zijn er zacht, met talloze van de Atlantische Oceaan afkomstige depressies en de daarmee gepaard gaande regen en vochtigheid. De zomers zijn er tamelijk maar niet excessief heet. Toch valt de Loirestreek onder het Noord-Franse wijngebied: de zon schijnt er wat minder uitbundig dan in het zuiden en de vochtigheid is er over het geheel genomen relatief hoog. In het algemeen gedijen de noordelijke druivenrassen goed langs de oevers van de Loire.
De wijngaarden aan de oevers van de Loire zijn aangelegd op een groot aantal bodemvarianten. In het uiterste westen van het wijngebied, bij Nantes, is de wijnstok geplant op bodems die graniet, leisteen en gneis bevatten, afkomstig van het aloude Massif Armoricain. In Anjou hebben de bodems voor ongeveer de helft ook deze samenstelling; in het oosten, aan de rand van het Bassin van Parijs, is de bodem echter kalksteenhoudend. Touraine kent een grotere verscheidenheid aan bodemvarianten, met alluviale afzettingen, klei, klei-kalksteen en zand. Bij Sancerre bevat de bodem vooral kalk, met zand- of grindhoudende terrassen. Aan de overkant van de Loire is er dan weer een silexhoudende heuvel die de bekende vuursteenaroma’s van de wijnen uit Pouilly Fumé verklaart.
Domaine Chauveau, Saint-Andelain, AOC Pouilly Fumé
|
Als landbouwingenieur nam Benoît Chauveau in 1997 de wijngaarden van zijn grootouders over, een jaar later die van zijn ouders. Samen met zijn echtgenote Emanuelle beheert hij nu in totaal 11ha Sauvignon blanc, Chasselas, Pinot noir en Gamay gelegen in de AOC Pouilly Fumé, de AOC Pouilly-sur-Loire en de AOC Coteaux du Giennois. De minerale eigenschappen van de ondergrond bestaande uit klei-kalk, kimméridgemergel en silex laat hij zoveel mogelijk tot uiting komen dankzij het veelvuldig bewerken van de bodems en een lutte raisonnée. Hij vinifieert op een traditionele manier gebruikmakend van temperatuursgecontroleerde inox cuves waarna, afhankelijk van de cuvée, een opvoeding op de fijne lies volgt van enkele maanden tot bijna een jaar. De wijnen van Benoît Chauveau. | |  |
Matthias et Emile Roblin, Sury-en-Vaux, AOC Sancere
|
Op dit domein van 9 ha zetten de broers Matthias en Emile Roblin de familietraditie verder. Gestart met de wijngaarden van hun grootouders, nemen ze nu ook stukje bij beetje de ouderlijke wijngaarden over. Op een zo natuurlijk mogelijke manier maken ze wijnen die het terroir waarover ze beschikken zoveel als mogelijk tot uiting brengen. De wijngaarden zijn gelegen binnen een straal van 2 km rondom de ouderlijke woonst waar ze hun wijnen vinifiëren. De bodem van “terres blanches” is heel kalkrijk en ligt bezaaid met 145 miljoen jaar oude versteende fossielen van schelpdieren. De ondergrond van kalk, klei en marmer dateert uit het Kimméridgien. Het klimaat is semi-continentaal met een lichte Atlantische invloed, een korte hete zomer en een lange koude winter. De wijnen van Matthias en Emile Roblin. | |  |
Le Prieuré de Saint Céols, Saint Céols, AOC Menetou Salon
|
De 10 ha wijngaarden van Le Prieuré de Saint Céols zijn gelegen in de kleine appellatie Menetou Salon en hebben een ondergrond van klei en kalk. De aanplant bestaat voor 2/3 uit Sauvignon blanc en voor 1/3 uit Pinot noir. Als voormalig fruitkweker voert Pierre Jacolin een duurzame wijnbouw hoog in het vaandel en bewerkt hij zijn wijngaarden met absoluut respect voor de natuur. Het rijke biologisch leven tussen de wijnstokken en in de grond zorgt immers voor een mooiere fruitexpressie in het druivensap. Via rigoureus snoeiwerk gedurende het jaar bekomt hij gezonde druiven met een gelijkmatige rijpheid die op het optimale moment kunnen geoogst worden. Bij de vinificatie en opvoeding in inox cuves (een deel van de rode wijn krijgt een opvoeding op eiken vaten) grijpt hij zo weining mogelijk in om aldus zo natuurlijk mogelijke wijnen te bekomen. De wijnen van Pierre Jacolin. | |  |
Domaine La Grange Tiphaine, Amboise, AOC Touraine Amboise
|
Damien en Coralie Delecheneau omschrijven hun Domaine La Grange Tiphaine als de versmelting van een rijk terroir, een wispelturig klimaat, over generaties heen doorgegeven kennis en kunde en geduldig, koppig maar zorgvuldig werk. Hun domein werd meer dan 100 jaar geleden opgestart door Alphonse Delecheneau, de overgrootvader van Damien. Het omvat vandaag ongeveer 10 hectaren wijngaard verdeeld over de appellaties Touraine Amboise en Montlouis. Op een volledig biologische en natuurlijke manier maken ze met de traditionele lokale druivenrassen (Gamay, Cabernet franc, Chenin, Côt en Grolleau) zowel witte, rosé als rode wijnen, zowel mousserende als stille wijnen, zowel droge als zoete wijnen. De wijnen van Damien Delecheneau. | |  |
Domaine de Noiré, Chinon, AOC Chinon
|
Domaine de Noiré is een klein familiaal domein geleid door Jean-Max Manceau die het sinds enkele jaren volledig aan het moderniseren is. Als voormalige voorzitter van de AOC Chinon kent hij zijn terroirs door en door en weet hij als geen ander met één enkel druivenras, de Cabernet franc, het belang en de invloed van de ondergrond en de omgevende natuur tot uiting te brengen in zijn verschillende wijnen. Het tiental ha wijngaarden van het domein ligt verspreid over de drie basis terroirs van Chinon : silicium houdende klei op zuidelijk gerichte licht hellende plateaus, goed drainerende graves (grind, zand en klei) dicht bij de rivier de Vienne en de voor de Loire typische tuffeau kalkhellingen die de druiven een stevige structuur en een hoge aromatische concentratie kunnen geven. De wijnen van Jean-Max Manceau. | |  |
Domaine des Forges, Saint Aubin de Luigné, AOC Anjou
|
Dit is een familiaal domein van 42 ha waar Stéphane Branchereau samen met zijn echtgenote Sévérine sinds 1996 de vijfde generatie van passionele wijnbouwers vertegenwoordigt. Hun sleutelwoorden, traditie en kwaliteit, brengen ze in de praktijk via “viticulture raisonnée” (respect voor de natuur en de druivenstok, enherbement, travail du sol, …) en traditionele vinifikaties aangevuld met recente technieken. De meeste van hun wijngaarden zijn gelegen in de heuvels rondom het dorp Saint Aubin de Luigné, tussen de Loire en de Layon. De specifieke ondergrond van vooral bleke leisteen zorgt voor volle en mineralige droge witte wijnen. Bepaalde percelen genieten van het uitzonderlijke microklimaat dat het mogelijk maakt kwaliteitsvolle likoreuze wijnen te maken. Enkele wijngaarden liggen iets verderop in de appellaties Chaume, Quarts-de-Chaume en Savennières. De wijnen van Stéphane Brancherau. | |  |
|